Mijn favorieten

Er zijn nog geen favoriete franchiseformules geselecteerd

Franchise in cijfers 2026: waarom groei vooral zichtbaar wordt in je administratie

07 september 2026

Het aantal franchisevestigingen in Nederland groeit nog steeds, maar die groei zie je als franchisenemer zelden als eerste terug in je omzet. Je ziet het in de hoeveelheid administratie die erbij komt. Fees, investeringen, voorraad en personeel lopen door elkaar, en aan het eind van de maand is de eerste vraag vaak niet hoeveel je hebt verdiend, maar waar het geld precies is gebleven.

Wat de cijfers over 2026 laten zien

Volgens Franchise in cijfers 2026 nam het totale aantal franchisevestigingen in 2025 toe met ruim 1,4 procent. Die groei komt bovenop een stevige correctie, want de vestigingen van SNS en RegioBank zijn na overname omgezet naar filialen en tellen niet langer mee als zelfstandige franchisevestiging. Bijna veertig procent van alle vestigingen valt inmiddels onder dienstverlening, waar veel franchisenemers vanuit huis of vanuit een kleine locatie werken. Minder vierkante meters betekent daar niet minder papierwerk, en een overzichtelijke zakelijke rekening is voor die groep eerder regel dan uitzondering geworden.

Waar de administratie begint te knellen

Wie start als franchisenemer krijgt er direct een forse administratie bij. Er is een entreefee, een periodieke franchisefee, een investering in inventaris, meestal een huurcontract en een set afspraken met de franchisegever over inkoop en marketingbijdragen. Elk van die posten heeft een eigen ritme en een eigen tegenpartij. Zolang je één vestiging draait, houd je dat met wat discipline bij. Komt er een tweede locatie bij, dan verdubbelt niet alleen je omzet maar ook het aantal geldstromen dat je uit elkaar moet houden. Aanbieders die zich op deze groep richten houden hun belofte daarom kort: sneller ondernemen met GoDutch of bij een vergelijkbare partij begint bij minder handmatig uitzoekwerk, niet bij extra rapportages.

Vier plekken waar de geldstromen door elkaar lopen

In gesprekken met franchisenemers komen steeds dezelfde vier knelpunten terug.

  • Fee en omzet op één hoop: de franchisefee wordt afgeschreven van dezelfde rekening waarop de dagomzet binnenkomt, waardoor je moeilijk ziet wat de vestiging zelf oplevert.
  • Investeringen die maanden doorlopen: inventaris en verbouwing worden in termijnen betaald, terwijl de boekhouding er één moment van maakt.
  • Uitgaven van medewerkers: boodschappen, brandstof en kleine aankopen gaan via privépassen en komen pas weken later als declaratie binnen.
  • Meerdere vestigingen, één rekening: zodra locatie twee draait, is vergelijken per vestiging vrijwel onmogelijk zonder handmatig uitsplitsen.
Wat franchisegevers hierin kunnen betekenen

Formules die hun franchisenemers vooraf een werkwijze meegeven voor hun geldstromen, hebben daar later minder discussie over. Denk aan een vaste afspraak over hoe de fee wordt geïncasseerd, welke uitgaven via de onderneming lopen en hoe de boekhouding wordt gekoppeld. Dat scheelt de franchisenemer tijd en de franchisegever een hoop navragen bij de kwartaalcijfers.

Het is bovendien een onderwerp dat zich goed leent voor de begeleiding in het eerste jaar. Wie in maand één de structuur goed neerzet, hoeft in maand twaalf niets recht te trekken.

Waar je zelf op kunt sturen

De winst zit zelden in meer rapportages. Die zit in de basis: uitgaven die herleidbaar zijn tot een vestiging of een medewerker, bonnetjes die direct aan de bijbehorende transactie hangen en een boekhouding die meeloopt in plaats van achteraf wordt bijgewerkt.

Groeien met een tweede of derde vestiging begint met weten wat de eerste precies doet. Dat inzicht is minder spannend dan een nieuwe locatie openen, maar het bepaalt wel of die stap verantwoord is.